Mineralogisch-Geologisch Museum

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken

Het Mineralogisch-Geologisch Museum is een museum in de Nederlandse stad Delft. Het museum toont een bijzondere collectie met mineralen, gesteenten, fossielen, ertsen en andere geologische objecten. De mineralencollectie heeft een wetenschappelijke referentiewaarde en is daarom van internationaal belang.

Het museum is onderdeel van de Technische Universiteit Delft. Het is gehuisvest in het voormalige gebouw van de afdeling Technische Aardwetenschappen van de universiteit aan de Mijnbouwstraat. Oorspronkelijk heette deze afdeling Mijnbouwkunde. Het museum wordt in de volksmond dan ook wel het 'Mijnbouwmuseum' genoemd.

Studenten en docenten gebruiken de collecties voor het onderwijs in de mineralogie en de delfstofkunde. Het museum is echter ook gratis toegankelijk voor het publiek.

Sinds 18 februari 2008 is het museum gesloten in verband met een renovatie.

[bewerken] Collectie

De wetenschappelijke collecties geven een goed beeld van het geologisch onderwijs dat aan de TU Delft gegeven wordt. De museumcollectie bestaat uit de volgende onderdelen:

  • mineralen - De meeste mineralen die op aarde voorkomen, zijn in het museum terug te vinden. Een deel van de mineralencollectie is systematisch uitgestald volgens de classificatie van Strunz.
  • gesteenten - Het museum toont zowel stollingsgesteenten, afzettingsgesteenten en metamorfe gesteenten.
  • ertsen - De eerste 150 jaar na oprichting van het museum lag de nadruk op de ontginning van ertsen. De ertsencollectie is daardoor bijzonder uitgebreid. Veel van de getoonde ertsen komen uit mijnen die nu allang niet meer bestaan.
  • algemene geologie - Dit deel van de collectie toont een gevarieerde verzameling met onder andere fossielen, meteorieten, wandplaten en mijnlampen. Dit deel van het museum toont ook een schedel van een Triceratops, een afdruk van de Archaeopteryx en een skelet van een dodo.

Oorspronkelijk bevatte het museum ook een collectie fossielen en collecties met objecten die verzameld waren in de voormalige Nederlandse koloniën, maar deze hebben hun belang voor het onderwijs in Delft verloren. Deze collecties zijn daarom overgebracht naar museum Naturalis in Leiden.

[bewerken] Geschiedenis

De huidige opleiding Technische Aardwetenschappen startte in 1842 onder de naam Mijnbouwkunde. Omdat de studenten de diverse delfstoffen moesten onderzoeken waar ze in de praktijk mee te maken zouden krijgen, legden zij zelf tijdens hun studiereizen al op zeer bescheiden schaal een verzameling met geologische objecten aan. Vanaf 1864 groeide de collectie explosief. In dat jaar werd dr. C.F. Vogelsang aangesteld als hoogleraar mineralogie, geologie, mijnontginning en palaeontologie. Hij was de eerste hoogleraar in Delft die zelf mijnbouwkundige kennis en ervaring had. Vogelsang was van mening dat een goede opleiding tot mijnbouwkundig ingenieur onmogelijk was zonder een uitgebreide studiecollectie met geologische objecten. Zijn mineralogisch-geologische verzameling vormt de basis van het huidige museum. De aanstelling van Gustaaf Molengraaff als hoogleraar gaf het museum in 1906 een nieuwe impuls. Tijdens de vele expedities die hij leidde werd zeer veel nieuw materiaal verzameld en aan de collectie toegevoegd. In 1909 kreeg de collectie bij ministeriële beschikking officieel de status van museum. De opleiding stelde J.H. Bonnema aan als eerste conservator. Toen in 1912 het pand aan de Mijnbouwstraat betrokken werd, kreeg het museum de beschikking over een complete vleugel van drie verdiepingen. Vanwege het gewicht van de collectie werd deze vleugel van een extra zwaar uitgevoerde fundering voorzien. Het museum bevindt zich nog steeds op deze locatie aan de Mijnbouwstraat.

[bewerken] Externe link

Persoonlijke instellingen