Station Brussel-Zuid

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Station Brussel-Zuid
Bruxelles - Gare Midi01.jpg
Opening 1869
Telegrafische code FBMZ
Aantal sporen 22
Aantal perrons 11
Lijn(en) 0 - 28 - 50A - 96 - 124
Coördinaten 50°50'N 4°20'E
Reizigerstellingen[1]
-Weekdag
-Zaterdag
-Zondag
(2007)
49.194
15.658
15.592
Beheerder NMBS-Holding
Station Brussel-Zuid
Station Brussel-Zuid
Stationsinformatie NMBS
Portaal  Portaalicoon   Openbaar vervoer
Brussel-Zuid
Brussel-Zuid
Brussel-Zuid
Ligging in Brussel ten opzichte van de andere metro- en railverbindingen
Brussel-Zuid, internationale zone

Station Brussel-Zuid (Frans: Bruxelles-Midi) is het grootste Belgische spoorwegstation: de meeste internationale treinen stoppen er en er zijn 22 perronsporen. Het is na Brussel-Centraal het drukste station van België met ongeveer 100.000 binnenlandse reizigers per dag (gemiddeld 49.000 instappende reizigers in 2007). Tussen beide stations rijden meer dan 1200 treinen per dag, wat het traject een van de drukste van de wereld maakt.

Inhoud

[bewerken] Geschiedenis

In 1840 opende het eerste Zuidstation, toen Bogaardenstation genoemd, zijn deuren. Niet op de plaats van het huidige Brussel-Zuid, maar aan het Rouppeplein. Het was al snel te klein zodat in 1869 een nieuw, monumentaal gebouw van de hand van de beroemde architect August Payen werd opgetrokken op de huidige plaats.

Zoals gebruikelijk in die tijd werd op het dak een beeld geplaatst van de godin van de overwinning in een wagen, als huldebetoon aan de spoorwegtechniek.

Vanwege de aanleg van de Noord-Zuidverbinding in 1949 sloot het station definitief: het werd vervangen door een functioneel gebouw in gele baksteen met een uurwerktoren.

Het begin van de jaren negentig luidde de modernisering van Brussel-Zuid in. In het belangrijkste station van heel het land werd een nieuwe ruimte voor de Eurostar- en Thalysterminals ingericht. De centrale gang en de HST-perrons zijn grondig vernieuwd, maar de overige perrons (voor het binnenlandse verkeer) wachten nog op renovatie.

[bewerken] Spoorlijnen

  • 0, Noord-Zuid verbinding
  • 28, Westelijke ringlijn naar Jette / Schaarbeek / Schuman / Brussel-Noord. Niet in gebruik voor reguliere reizigerstreinen. Zal in de toekomst wel gebruikt gaan worden in het GEN plan (Gewestelijk ExpresNet).
  • 50A, naar Oostende
  • 96, naar Halle, Bergen en Quévy
  • 96N, rechtstreekse toegang via een nieuw viaduct naar de HST-terminal
  • 124, naar Charleroi

[bewerken] Treinen en bestemmingen

[bewerken] Internationale treinen

Enkele binnenlandse treinverbindingen vanuit Brussel-Zuid steken eveneens de grens over, onder andere naar Roosendaal, Maastricht en Luxemburg.

[bewerken] Spoorindeling

spoor lengte gebruik
1 - 2 400m exclusief voor Eurostar
3 - 6 400m voornamelijk voor Thalys, HST Frankrijk en ICE Duitsland, maar ook binnenlandse treinen
7 - 21 binnenlands treinverkeer
22 doodlopend

[bewerken] Metro- en tramstation

Lokettenhal van het metrostation
De 'overdekte straat'

Onder de noordzijde van het spoorwegstation bevindt zich het metrostation Zuidstation (Frans: Gare du Midi). Dit station kwam in gebruik op 2 oktober 1988 en wordt bediend door de metrolijnen 2 en 6. Sinds 3 december 1993 wordt het zuidstation ook bediend door de noord-zuidas van de Brusselse premetro, voordien was er enkel een bovengrondse halte bij de tunnelinrit, die nog steeds door een aantal lijnen wordt gebruikt. De sporen in beide reisrichtingen liggen boven elkaar. De metrosporen zijn aan beide zijden van perrons voorzien, waardoor een goede doorstroming gerealiseerd wordt.

In het metrostation stoppen ook de trams (premetro) die de zuidelijke verlenging (Zuidstation-Albert) van de noord-zuidverbinding bedienen, de huidige lijnen 3, 4, 33 en 51. Op beide niveaus stoppen deze trams aan de overzijde van een metroperron, wat een snelle overstap mogelijk maakt.

De overige trams (31, 32, 81, 82 en 83) stoppen bovengronds, in de zogenaamde 'overdekte straat'. Tussen het (pre)metrostation en de bovengrondse tramhalte is, tot ergernis van veel reizigers, geen rechtstreekse verbinding aanwezig.

In de overdekte straat is verder ook de eindhalte te vinden van de MIVB-buslijnen. De bussen van De Lijn stoppen iets verderop, bij het Baraplein. De TEC-bussen stoppen ten slotte aan de andere kant van het station, bij de uitgang van de 'overdekte straat'.

[bewerken] Metrolijnen

    2 - Simonis (Elisabeth) - Simonis (Leopold II)
    6 - Simonis (Elisabeth) - Koning Boudewijn

[bewerken] Tramlijnen

    3 - Esplanade - Churchill (ondergronds) (rijdt alleen overdag)
    4 - Noordstation - Stalle P (ondergronds)
    31 - Noordstation - Marius Renard (rijdt alleen 's avonds)
    32 - Noordstation - Drogenbos Kasteel (rijdt alleen 's avonds)
    33 - Bordet Station - Churchill (ondergronds) (rijdt alleen 's avonds)
    51 - Heizel - Van Haelen (ondergronds)
    81 - Marius Renard - Montgomery (rijdt alleen overdag)
    82 - Berchem Station - Drogenbos Kasteel (rijdt alleen overdag)
    83 - Berchem Station - Montgomery (rijdt alleen 's avonds)

[bewerken] MIVB-buslijnen

    27 - Zuidstation - Andromeda
    49 - Zuidstation - Bockstael
    50 - Zuidstation - Lot Station
    78 - Zuidstation - Humaniteit (rijdt alleen tijdens de spits)

[bewerken] De Lijn-buslijnen

    116/117/118 - Brussel-Kapellekerk - Itterbeek - verschillende eindpunten
    134 - Brussel-Zuid - Diesdelle
    136/137 - Groot-Bijgaarden/Dilbeek - Brussel-Zuid - Alsemberg
    140/141/142 - Brussel-Kapellekerk - Leerbeek
    144/145 - Brussel-Kapellekerk - Sint-Pieters-Leeuw - Leerbeek/Herfelingen
    170/171 - Brussel-Kapellekerk - Sint-Pieters-Leeuw - Halle

[bewerken] TEC-buslijnen

    365a - Brussel-Zuid - Waterloo - Charleroi
    W - Brussel-Zuid - Waterloo - Eigenbrakel

[bewerken] Noten

  1. De bron voor de gegevens is NMBS Reizigers Nationaal – Reizigerstellingen. De tellingen worden meestal uitgevoerd in de maand oktober: gedurende 9 opeenvolgende dagen (5 werkdagen en de 2 omliggende weekends) worden dan door het stations- en treinbegeleidingspersoneel visuele tellingen verricht. Voor 2007 zijn de tellingen uitgevoerd tussen 13 en 21 oktober. De methode bestaat erin het aantal in- en uitstappende reizigers te tellen in alle stations en stopplaatsen en dit voor alle treinen van het binnenlands verkeer. Het getal naast het kopje 'weekdag' slaat op het gemiddeld aantal opstappende (dus niet het aantal afstappende) reizigers op een weekdag (maandag, dinsdag, woensdag, donderdag en vrijdag opgeteld gedeeld door vijf), zaterdag en zondag staan apart vermeld.

[bewerken] Externe link

Persoonlijke instellingen