Diergaarde Blijdorp

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Diergaarde Blijdorp
Oude entree van de Diergaarde in Blijdorp
Geopend 1855
Locatie Rotterdam, Nederland
Oppervlakte 28 ha
Lid van EAZA, NVD, NVBT, SNP, IABES
Thema Geozoo
Website http://www.blijdorp.nl/

De Diergaarde Blijdorp in Rotterdam is een van de oudste dierentuinen van Nederland.

Inhoud

[bewerken] Geschiedenis

[bewerken] 1855-1940

In 1855 werd in de Rotterdamse binnenstad, bij de Kruiskade, een spoortuin ingericht voor fazanten en watervogels. De vogeltuin was eigendom van de spoorwegbeambten F. van der Valk en G.M. van den Bergh. Dit werd een groot succes, en op 18 mei 1857 werd de Rotterdamsche Diergaarde geopend. De eerste directeur was de toentertijd in geheel Europa beroemde dompteur Henri Martin. Op 15 september werd de 'Vereniging Rotterdamsche Diergaarde' opgericht. Alleen leden van de vereniging, vooraanstaande burgers, mochten de dierentuin bezoeken. Later mochten niet-leden, allen Rotterdammers, enkele dagen in augustus de diergaarde in, via een aparte ingang. De dierentuin was in de eerste halve eeuw van zijn bestaan een groot succes en groeide meer en meer.

In 1924 raakte de dierentuin echter in financiële problemen. De negentiende-eeuwse dierentuin raakte met de komst van de Hagenbeckstijl uit de mode, en met het drukker wordende verkeer had de gemeente de locatie op het oog om een weg aan te leggen tussen het Hofplein en Spangen, Tussendijken en Blijdorp. Ook werd de grond van de binnenstad veel te duur. De dierentuin probeerde het tij te keren door lidmaatschap goedkoper te maken, tentoonstellingen en kermissen te organiseren op het terrein en verlichting aan te brengen, zodat de dierentuin ook 's avonds te bezoeken was.

In 1932 werd er besloten om de dierentuin te reorganiseren. Eerst werd er besloten om vaker niet-leden toe te laten en het lidmaatschap aantrekkelijker te maken, maar het mocht niet baten. In 1937 werd er besloten om de dierentuin te verhuizen naar een nieuwe locatie. De dierentuin ruilde grond met de gemeente: de gemeente kreeg een deel van de oude diergaarde gratis, de rest moesten ze betalen. In ruil daarvoor werd de dierentuin eigenaar van twee derde van een nieuwe 13 hectare grote locatie in de wijk Blijdorp, terwijl over een derde van de nieuwe locatie pacht van één gulden moest worden betaald. Met financiële hulp van de Stichting Volkskracht werd een nieuwe dierentuin gefinancierd. De Volkskracht stelde echter een voorwaarde: voortaan moest de dierentuin voor iedereen toegankelijk zijn. Op 26 oktober 1938 werd de Vereniging opgeheven, en de Stichting Rotterdamsche Diergaarde (vanaf 1957 Stichting Koninklijke Rotterdamse Diergaarde) opgericht.

[bewerken] De dierentuin van 1940

In het begin van de Tweede Wereldoorlog werd de oude dierentuin zwaar beschadigd door het Bombardement op Rotterdam op 14 mei 1940. De dierentuin was toen al grotendeels verplaatst naar de huidige locatie Blijdorp. Tussen 1939 en 1941 werd er gebouwd op een locatie liggend tussen de spoorlijn Utrecht - Rotterdam en de Van Aerssenlaan. Door het bombardement waren veel dieren omgekomen, en enkele ontsnapt: er liep een zebra door de winkelstraat, en zeeleeuwen zwommen in de grachten.

Het ontwerp van de nieuwe dierentuin is van Sybold van Ravesteyn, waarbij traliewerk en hekken zoveel mogelijk zijn vermeden en vervangen door greppels, grachten. De verwarmde binnenverblijven en ruime leefweiden waren toentertijd uniek in de wereld. Blijdorp is één van de weinige dierentuinen die geheel is ontworpen door één architect. In april 2004 is Blijdorp daarom uitgeroepen tot Rijksmonument.

Op 7 juli 1940 werd het noordelijk gedeelte geopend en op 7 december 1940 was de nieuwe diergaarde geheel open. Van Ravesteyn had de dierentuin zo ontworpen dat er een symmetrieas door het park liep, waarop de betonnen gebouwen lagen: de Rivièrahal, de 47 meter hoge uitkijktoren, het roofdiergebouw, de grote vijver en het theehuis. Aan weerszijden van deze as lagen grote weiden voor hoefdieren als bizons en zebra's.

[bewerken] 1940 tot nu

Ter gelegenheid van het jubileum in 1957 werden tegels met gestileerde dierenfiguren vervaardigd door Groeneveldt aardewerkfabriek. In 1963 werd de Vereniging Vrienden van Blijdorp opgericht. Deze vereniging ondersteunde de diergaarde financieel, waardoor o.a. in 1965 het Henri-Martinhuis kon worden gebouwd, een gebouw voor kleine apen en nachtdieren. In 1972 werd de uitkijktoren afgebroken. In 1984 werd in Blijdorp het eerste olifantje geboren, een Aziatische olifant met de naam Bernhardine, vernoemd naar Prins Bernhard. Bernhardine is voor zover bekend de eerste olifant die werd geboren in een Nederlandse dierentuin. Inmiddels zijn er zo'n tien olifantjes geboren in Blijdorp.

Het Oceanium

Vanaf 1988, onder bestuur van directeur Ton Dorresteyn, hanteert Blijdorp een 'Masterplan', dat de hele dierentuin heeft veranderd. Volgens het Masterplan moesten dieren per werelddeel worden geordend, in natuurlijk ogende biotopen. Daarbij moesten niet alleen dieren, maar ook planten en culturele elementen uit het nagebootste biotoop worden getoond in de diergaarde. De eerste jaren stonden de aanpassingen in het teken van Azië. Zo werd in de lente van 1991 de vleermuisgrot geopend, waar honderden roezetvleermuizen vrij tussen de bezoekers vlogen. In 1992 werd de Wolvenvallei geopend, het eerste verblijf voor Europese dieren, een groot bosrijk verblijf voor een roedel wolven.

In 1994 volgde Taman Indah, het grote verblijf voor o.a. Aziatische olifanten, Indische neushoorns en Maleise tapirs. In 1999 werd het Afrikaanse Gorilla-eiland geopend en op 27 juni 2001 werd het Oceanium officieel geopend, dat sinds juli 2000 was opengesteld voor publiek. Het Oceanium werd gebouwd op een 11 hectare grote uitbreiding van de dierentuin aan de andere kant van het spoor. Daarmee is de dierentuin nu ongeveer 28 hectare groot.

Het huidige verblijf van de Sumatraanse tijgers

Op 27 april 2005 is de nieuwe speeltuin (de Oewanja kinderjungle) geopend, waarna in mei 2005 is het nieuwe verblijf voor de Sumatraanse tijgers opende. Deze is gerealiseerd op de plaats van het voormalige zeezoogdierencomplex en is verdeeld in twee delen met een bezoekerstunnel er tussenin. Ook is rond deze tijd een begin gemaakt met de Afrikaanse savanne, met onder andere een opgeknapte weide voor de zebra's en struisvogels en nieuwe verblijven voor onder andere vosmangoesten, maraboes en wevervogels. 15 juli 2006 opende de Oewanja Lodge, een nieuw restaurant, gelegen naast de Oewanja speeltuin.

Op 12 augustus 2006 stierven twee jonge sperweruiltjes aan vogelgriep. Gevreesd werd toen dat het hier om de voor mensen dodelijke variant H5N1 zou gaan. De griep werd bij een routinecontrole ontdekt. Mocht dit waar zijn, dan zou dit de eerste keer zijn dat H5N1 in Nederland is geconstateerd. Diergaarde Blijdorp was de eerste Europese dierentuin was die zijn vogels liet inenten tegen de ziekte, en alle volwassen vogels in de dierentuin hebben een vaccin gekregen. Tijdens een vervolgonderzoek, uitgevoerd door het ministerie van Landbouw en het Erasmus MC, is het virus H5N1 niet teruggevonden bij de uiltjes of andere dieren in de dierentuin, maar Ab Oosterhaus, een viroloog verbonden aan het Erasmus MC, gaat er wel van uit dat de vogels aan een andere variant van vogelgriep gestorven zijn. Er zijn tevens geen antistoffen aangetroffen bij andere dieren in de diergaarde.

Bokito in zijn buitenverblijf
Het buitenverblijf voor gorilla's

Op 18 mei 2007, exact 150 jaar na de opening van de dierentuin, ontsnapte er in Blijdorp een mannetjesgorilla genaamd Bokito. Deze richtte zijn woede op één vrouw. Zij was een vaste bezoeker die regelmatig contact zocht met de mensaap. Tevens bracht hij vernielingen aan in het restaurant. Drie andere mensen raakten in de paniek die ontstond lichtgewond.[1] Uiteindelijk wist men de gorilla in te sluiten, te verdoven en weer op te sluiten. De hele dierentuin werd snel ontruimd. Inmiddels is het verblijf verbouwd en heeft het een 5 meter hoge rotsmuur gekregen. Sinds 7 augustus 2007 is de gorillagroep weer buiten te zien.

31 mei 2007 opende de nieuwe weide- en trekvogelvolière. Deze bestaat uit twee delen. In het eerste deel zitten allerlei ook in Nederland voorkomende weidevogels als kieviten, grutto's en kemphanen, in het tweede deel wonen verscheidene Zuid-Europese vogels als Europese bijeneters en lepelaars.

Ook worden er sinds 3 september 2007 dagelijks een "Vrije Vlucht Voorstelling" gegeven. Hiervoor heeft men al twee jaar met ruim twintig vogelsoorten getraind. Dat jaar zijn ook een volière voor rode ibissen en ara's, twee aquaria voor Pacifische octopussen in het Oceanium, een buitenverblijf voor Chinese alligators en een nieuw verblijf voor de poedoes aangelegd. Geplande nieuwe verblijven voor de netgiraffen, nijlkrokodillen en ijsberen moesten worden uitgesteld doordat de aanpassingen aan het gorilla-eiland prioriteit kregen.

In 2008 zijn de ijsberen teruggekeerd in het nieuwe Noordpoolgebied Arctica. Er zijn ook verblijven toegevoegd voor poolvossen, sneeuwhazen, sneeuwuilen en lemmingen. Ook is dat jaar de "Krokodillenrivier" geopend, een savannekas grenzend aan de trekvolière en het in aanbouw zijnde giraffenverblijf. Naast Nijlkrokodillen zullen hier verscheidene savannebewoners worden gehouden, waaronder karmijnrode bijeneters, klipspringers, rotsklipdassen, stekelvarkens en treksprinkhanen. Ook zullen de twee pantserkrokodillen in de Rivièrahal er een eigen verblijf krijgen. Van alle dieren leven zij het langst in de diergaarde. Ze hebben nog de oude Diergaarde aan de Kruiskade meegemaakt en hebben het bombardement in 1940 overleefd. Hun leeftijd wordt geschat op een jaar of tachtig.

Het voormalige giraffenverblijf.
Het huidige flamingoverblijf.

[bewerken] Toekomst

In 2004 presenteerde Blijdorp een nieuw Masterplan. Men hoopt dit project te hebben afgerond in 2015. Het nieuwe Masterplan bestaat uit vier ontwikkelingen in de diergaarde:

  1. (bijzondere, zeldzame) diersoorten, verdeeld in biotoop en werelddeel
  2. nieuwe verblijven en andere recreatieve mogelijkheden aan de Rivièrahalzijde
  3. nieuwe verblijven aan de Oceaniumzijde
  4. in stand houden van de architectuur van Van Ravensteyn en het combineren met een moderne dierentuin

Enkele toekomstige projecten zijn:

[bewerken] Educatie

Diergaarde Blijdorp wordt ook veelvuldig gebruikt door de nabij gelegen middelbare scholen ter aanvulling en visualisering van de biologielessen. Maar ook aan leerlingen van de basisscholen wordt gedacht met speciale programma's.

[bewerken] Doelstelling

Het doel van de diergaarde is het stimuleren en steunen van natuurbehoud. Zo wordt er in diergaarde Blijdorp bijvoorbeeld onderzoek verricht naar gedrag, voeding, voortplanting, en medische zorg. Door deze vergaarde kennis en goede verzorging kunnen de dieren ouder worden, langer gezond blijven en zich voortplanten, zodat zeldzame soorten niet uitsterven maar voor het nageslacht behouden blijven. Blijdorp doet mee aan 70 fokprogramma's en stamboeken, en beheert er ook een aantal. Zo coördineert Blijdorp het EEP (European Endangered species Program) van de Aziatische olifant, de Mantsjoerijse- en witnekkraanvogel, de komodovaraan en de Egyptische landschildpad. Ook coördineert Blijdorp het ESB (Europees Stamboek) voor kroonduiven en het internationale fokprogramma voor de kleine panda. Sinds december 2004 heeft Blijdorp ook enkele fokgroepjes van het Visayawrattenzwijn. De bedoeling is dat hieruit een Europees fokprogramma voortvloeit.

Met treintjes worden bezoekers door het park geleid.

[bewerken] Recreatie

Voor recreatieve doeleinden en dagtoerisme is de dierentuin ook een grote trekpleister. Er komen naar schatting zo'n 1,5 miljoen bezoekers per jaar.

Vrijwel alle werelddelen zijn hier vertegenwoordigd - zowel boven als onder water - op een relatief kleine oppervlakte, zodat de bezoekers toch het gevoel krijgen een ontdekkingsreis te hebben gemaakt.

De diergaarde is het gehele jaar geopend, zij het dat tijdens de wintertijd de poorten een uur eerder dicht gaan dan in de zomertijd. In de herfst de diergaarde bezoeken is een bijzondere belevenis, aangezien het dan voor veel dieren de bronsttijd is.

[bewerken] Enkele diersoorten

Blijdorp is sinds het begin van het Masterplan in 1988 meer en meer zijn verblijven aan het indelen op werelddeel en biotoop. Enkele van de belangrijkste, interessantste en populairste soorten in Blijdorp zijn:

Omdat Diergaarde Blijdorp vroeger geen werelddelen indeling had zitten nog niet alle dieren op de juiste plek.

[bewerken] Katachtigen

Diergaarde Blijdorp staat onder meer bekend vanwege de zeer fraaie collectie katten, de grootste collectie van de benelux. In het verleden zaten de meeste katten in de kleine kattenrotonde maar tegenwoordig krijgen steeds meer katten een eigen plekje in de dierentuin. Hieronder volgt een lijst met de katten die in de dierentuin te zien zijn (geweest).

[bewerken] Botanische tuin

Diergaarde Blijdorp is ook een botanische tuin. Blijdorp is lid van de Nederlandse Vereniging van Botanische Tuinen en beheert de Nationale Plantencollectie Bromelioideae (een onderfamilie van de familie Bromeliaceae). Deze collectie is in 1982 door de Hortus botanicus Leiden aan de diergaarde geschonken en is te bewonderen in de broeikassen waar ook andere tropische planten als koffieplant, avocado, teakboom en sierplanten te zien zijn. Ook zijn hier vogels en vlinders te zien. Tevens beheert Diergaarde Blijdorp de Nationale Plantencollectie Primula. In de Chinese sfeertuin wordt een aantal Aziatische Primula-soorten getoond. De planten in de kassen zijn voorzien van naambordjes en dit geldt ook voor bijzondere planten die buiten in de diergaarde staan.

[bewerken] Externe links


Bronnen, noten en/of referenties
  1. Gewonden na ontsnapping Gorilla Blijdorp - De Telegraaf, 18 mei 2007
Persoonlijke instellingen
in andere talen